Terugblik studieochtend 'Geestelijke opleving GenZ'
Seminarium
11 juli 2025
Is er sprake van een geestelijke opleving onder Generatie Z, welke sociologische aspecten spelen hierin mee, welke rol hebben sociale media in geloofsvorming en -verspreiding, en hoe kunnen kerken antwoorden op de ontwikkelingen? Die vragen kwamen aan de orde tijdens de studieochtend van het Baptisten Seminarium op 27 juni. Een terugblik.
Rector en docent Hans Riphagen vertelt in de opening hoe hij zelf met ‘het seculariseringsvraagstuk’ is opgegroeid en hoe deze ontwikkeling, die zich sinds de jaren zestig in Nederland afspeelt, ook uitgebreid aan de orde komt in het vak ‘Geleefde theologie’ aan het Seminarium. Aan het begin van het afgelopen seizoen wees een student Hans er al op dat er iets gaande is onder Nederlandse jongeren – en inmiddels schrijven christelijke en seculiere media over een geestelijke opleving. “We zien dingen gebeuren die niet passen in de trend van ontkerkelijking. Het christelijk geloof wordt weer cool en trending, theologieopleidingen verheugen zich in meer studenten, jonge mensen laten zich dopen. Prachtig… Is het tijd om ons verhaal bij te gaan stellen? Hoe moeten we duiden wat er gebeurt? En hoe moeten we er als kerk op reageren? Dat is waar we vanmorgen over nadenken.”
Er komen drie sprekers aan het woord die vanuit een verschillend perspectief proberen te duiden wat er aan de hand is.
Onderzoek 'God in Nederland'
Allereerst godsdienstsocioloog Paul Vermeer van de Radbouduniversiteit en auteur van het boek ‘God in Nederland (2025)’. “In het onderzoek ‘God in Nederland’ dat sinds de jaren zestig wordt gehouden, zien we de trend van ontkerkelijking heel duidelijk afgetekend: afname van kerkgang, van kerklidmaatschap en van geloof en spiritualiteit”, vertelt hij. Recent verscheen het laatste onderzoek, waarvan de gegevens eind 2024 zijn verzameld. “Ook tot onze eigen verbazing zagen we daarin terug dat Generatie Z de trend van de afgelopen decennia lijkt te doorbreken. Een vraag als ‘Beschouw je jezelf als een gelovig persoon’ werd jarenlang door steeds minder mensen met ‘ja’ beantwoord – waarbij onder elke generatie minder gelovigen waren. GenZ scoorde hier echter 5 procentpunt méér op dan de Millennials – niet heel veel, maar statistische wel significant, dus in alle voorzichtigheid mag je wel over een trendbreuk spreken. Hetzelfde geldt voor vragen over ‘geloven in het bestaan van God’ (3 procentpunt hoger) en ‘lid zijn van een kerk’ (2 procentpunt hoger). Overigens was er geen sprake van een toename in de kerkgang of in religieuze praktijken als bidden.”
Ook op een ander vlak is een trendbreuk te zien, namelijk op het gebied van normen en waarden. “Bij stellingen over de rechtvaardiging van abortus en homoseksuele relaties zien we dat GenZ iets lager scoort dan de voorgaande generatie. GenZ is dus iets behoudender, of misschien beter gezegd: minder permissief.”
In een poging om de cijfers te duiden wijst Vermeer op twee aspecten, allereerst destruction: “Het verdwijnen van een gezamenlijke identiteit als gevolg van de ontkerkelijking leidt tot culturele onzekerheid. Uit het onderzoek blijkt dat maar liefst 47 procent van de jongeren kerken van belang vinden voor de Nederlandse identiteit.”
Ten tweede ‘deprivation’: “De neo-liberale economie met een nadruk op marktwerking stelt jongeren op achterstand op het gebied van onderwijs, werk, wonen en welvaart: iedereen kan tegenwoordig naar de universiteit, waardoor het diploma minder waard wordt, er zijn steeds meer flexibele arbeidscontracten, woningen zijn onbetaalbaar geworden voor starters en qua welvaart zijn er groeiende intergenerationele verschillen.” Vermeer acht het niet ondenkbaar dat deze ontwikkelingen ten grondslag liggen aan de hernieuwde kijk naar de kerk. “Ligt daar een opdracht voor de kerken?” vraagt hij zich tot slot af.
Neem de jonge generatie serieus
De volgende sprekers is Maurits Luth, voorganger van de Baptistengemeente Kampen, regiocoördinator binnen Unie-ABC en promovendus. Hij vertelt dat hij in het afgelopen halfjaar dertig mensen heeft mogen dopen, van wie 21 GenZ’ers en onder hen zeven die niet met het geloof zijn opgegroeid. Hij doet drie ‘kritisch-hoopvolle oproepen’ aan de kerk. Allereerst om de jonge generatie serieus te nemen, waar ook in de Bijbel toe wordt opgeroepen. “We moeten de geestelijke opleving niet bagatelliseren tot ‘ach, die jonge mensen die duidelijkheid en rust zoeken in een boze buitenwereld’ of te veel nadruk leggen op hun ontvankelijkheid voor een bepaald conservatisme en radicaliteit, want het is niet dát wat ze per se aan het zoeken zijn.” Tegelijk ziet hij dat de oudere generaties die “vrijgevochten en losgewrikt van menig kerkelijk juk of dogma” de neiging hebben om “hard op de rem te trappen bij alles wat tóch weer lijkt te neigen naar duidelijkheid of in hun oren zelfs naar ‘oordeel’.” Luth wijst er verder fijntjes op dat tijdens deze studieochtend er geen enkele spreker GenZ vertegenwoordigt en vraagt zich af: “Horen we niet te veel de duiding, schrik en mening van andere generaties óver GenZ ten koste van het horen van GenZ zélf?”
Zijn tweede oproep is: Neem jezelf een stuk minder serieus. “Hebben we onszelf niet té serieus genomen het mysterie van het geloven misschien té veel hebben willen vatten, analyseren en voorspellen? Is misschien de rol van de mens, alsook het ‘onafwendbare’ van de secularisatie té serieus genomen? Zijn we niet veel meer als Jona dan we denken? Zittend met een bak popcorn onder een comfortabele parasol, wachtend op een onafwendbaar, terecht en sensationeel oordeel, om vervolgens bijna teleurgesteld te zien dat Gods genade tóch groter en anders bleek? “
Dat leidt tot de derde oproep: Neem God serieus. “Het mysterie van geloven is óók mogen geloven dat de wind waait waarheen Hij wil (Johannes 3:8). Het beste wat we kunnen doen is gaan meewaaien (missio Dei). Wie zegt dat dit Zijn laatste ingreep is, een voorlopig laatste of juist een eerste opleving? De God van Abraham, Isaäk en Jakob lijkt een God te zijn die niet alleen denkt in generaties, maar Die ook aangeeft dóór te gaan. Al is het met een Jakob. Of met TikTok...”
De rol van de sociale media
De laatste spreker is Miranda Klaver, hoogleraar antropologie van religie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en specialist op het gebied van de charismatische beweging en de relatie tussen media en religie. Ze begint met de constatering dat er een groeiende aandacht voor religie is onder journalisten van seculiere media én op sociale media-platforms. Ze beschrijft hoe de ‘gebroken beloften van het neo-liberalisme, versterkt door de verschillende crises’ hier mogelijk toe heeft geleid. Ook wijst ze erop hoe Generatie Z veel onbevangener staat tegenover religie en spiritualiteit én dat deze is opgegroeid in een digitale samenleving, waarbij sociale media een onlosmakelijk onderdeel van het dagelijks leven zijn geworden.
Na deze beschouwing zoomt Klaver in op wat er gebeurt op sociale media. Ze onderscheidt twee zaken: bekeerde influencers die behalve hun berichten over bijvoorbeeld lifestyle of business ook vertellen over hun bekering of onderwerpen uit de Bijbel bespreken, en daarnaast Jesus influencers, die zich met hun account specifiek richten op evangelisatie en discipelschap. “De bekeerde influencers hebben vaak een groter bereik dan de Jesus influencers”, laat Klaver zien. We kijken naar het Instagram-accout van Zaar Goedemans met ruim 1 miljoen volgers, en bekijken hoe business influencer Mike Buiten, tussen zijn posts over succesvol zaken doen, in een filmpje uitgebreid vertelt over man-zijn op basis van de Bijbel. “Dit zijn belangrijke stemmen vanuit GenZ”, aldus Klaver. “Bij deze bekeerde influencers staat hun persoonlijke geloofservaring centraal en is er geen sprake van een theologische achtergrond; het zijn religieuze gidsen met een groot aantal volgers, die echter weinig spreken over deel zijn van een kerk.” De Jesus influencers hebben vaak een wat kleiner bereik – we zien een aantal ‘groten’ met circa 12.000 volgers. Tot slot wijst ze erop dat de platforms de inhoud structureren, en dat hun groei wordt bepaald door content die veel reactie opleveren, én dat de algoritmen bepalen wat gebruikers zien: dus wie eenmaal interesse voor een onderwerp heeft getoond krijgt steeds verhalen van hetzelfde genre te zien.
Klaver sluit af met drie uitdagingen waar de kerk voor staat: Hoe kunnen kerken verbinding maken met de online wereld van jongeren? Hoe kunnen jongeren de weg naar een kerk of community vinden? Hoe open en gastvrij zijn kerken voor belangstellende jongeren?
Bijzondere verhalen
Na de drie sprekers is er gelegenheid voor ervaringen van deelnemers. Bij de opgave voor deze bijeenkomst gaven veel mensen desgevraagd aan dat zij het nog níet zien in hun kerk en omgeving – “Het is ook goed om dat te benoemen”, aldus Hans Riphagen. Toch klinken er bijzondere verhalen over een Bijbelgroep onder studenten, over jonge mensen die ‘vanuit het niets’ tot geloof komen en via sociale media gaan zoeken naar meer informatie, over een groep vrienden die met het geloof zijn opgegroeid, het allemaal hebben losgelaten, maar van wie een deel nu samen Bijbelstudie doet, over een christelijke influencer en jongerenwerker die zijn muziek op sociale media deelt, ook betaald, en daar tienduizenden jongeren mee bereikt, over een kerkelijke tienergroep die naast de georganiseerde avonden zelf bidstonden houdt, over een jong familielid dat op Tiktok zoekt naar informatie over het christelijk geloof.
Dat laatste is ook iets waar het in het panelgesprek over gaat: een jonge generatie die online vragen stelt en antwoorden vindt – hoe verbindt je die met een kerk of andere christelijke gemeenschap, hoe komen ze tot geestelijke verdieping en groei? Enkele adviezen volgen. Zorg dat de website van je kerk vindbaar is, dat je je zoektermen op orde hebt, dat er een pagina met basisinformatie over Jezus te vinden is, én een contactpersoon voor meer informatie. Daarnaast: creëer echte openheid om te luisteren naar jonge mensen in onze kerk en omgeving. En: als je voor mensen gaat bidden, ga je van ze houden. Geef jongeren ruimte in je hart én in de dienst, organiseer gesprek en contact tussen de generaties in de kerk.
Onder leiding van docent en oud-rector Teun van der Leer volgt tot slot een gebed voor Generatie Z.
Gerdien Karssen, communicatiemedewerker Unie-ABC
